Het bedrieglijk slot

Het bedrieglijk slot 8

 

Archibald zocht wankelend naar de steun van een stoel in zijn kamer. Hij moest zitten en kon niet meer op zijn benen staan. Zijn hart bonkte in zijn keel. “Mijn dienst,” fluisterde Archibald tegen zichzelf. Archibalds gedachten werden bruut verstoord door een flashback. Hoog in de lucht zat hij, omringd door krijsende studenten. Ondertussen begonnen de eerste zonnestralen door de luiken heen Archibalds kamer binnen te komen. Het wekte hem op en hij besloot deze vreemde gedachtes even van zich af te zetten.

Archibald verliet de herberg en besloot een wandeling te maken door het drukke centrum van Rome. Onderweg stopte hij bij een taverne voor wat eten en drinken waarna hij zijn wandeling vervolgde. Terwijl Archibald het drukke Piazza Navona over probeerde te steken, zag hij plotseling uit zijn ooghoek een paard en wagen met een noodgang op hem af komen. Hij wilde opzij springen, maar toen was het al te laat. Archibald voelde een enorme klap en ineens werd alles zwart.

Dagen later probeerde Archibald langzaam zijn ogen te openen, het ging moeizaam. Hij lag in een witte ruimte, maar zijn zicht was wazig. Hij hoorde stemmen. Lieve, vriendelijke, zachte stemmen. Hij zag een figuur naar hem toe komen; toen de persoon naast zijn bed stond werd Archibalds zicht iets scherper. Het was een verpleger. De verpleger vertelde hem dat hij een ongeluk had gehad en dat hij 3 dagen in coma gelegen heeft. Archibald begreep dat hij in een ziekenhuis terechtgekomen was. Nog voordat hij de verpleger kon vragen in welk ziekenhuis hij lag, was de man verdwenen.

 

Schrijf mee aan het Bedrieglijk Slot en maak kans op een geweldige muzikale prijs!